Vraag de Wet
Op basis van welk gunningscriterium moet een overheidsopdracht in beginsel worden gegund, en mag op laagste prijs worden gegund?
Een overheidsopdracht wordt in beginsel gegund op grond van de economisch meest voordelige inschrijving vastgesteld op basis van de beste prijs-kwaliteitverhouding (artikel 2.114 Aw 2012). Gunnen op laagste prijs of laagste kosten is mogelijk, maar de aanbestedende dienst moet dat criterium motiveren in de aanbestedingsstukken; de Gids Proportionaliteit (pas-toe-of-leg-uit) bevestigt dat Beste PKV het uitgangspunt is. De wet gaat voor op de Gids.
Bronnen
Aanbestedingswet 2012 — Artikel 2.114, lid 1
Artikel 2.114, lid 1. De aanbestedende dienst gunt een overheidsopdracht op grond van de naar het oordeel van de aanbestedende dienst economisch meest voordelige inschrijving.
Gids Proportionaliteit (3e herziening, 2022) — Voorschrift 3.5 H
Voorschrift 3.5 H. [1/24] De aanbestedende dienst stelt geen hogere eisen aan combinaties van inschrijvers (samenwerkings verbanden) dan hij stelt aan een enkelvoudige inschrijver. Combinatievorming vindt in de praktijk slechts plaats wanneer partijen duidelijke redenen hebben niet enkelvoudig maar gezamenlijk in te schrijven. Het gaat hierbij altijd om een noodzaak tot samenwerking, niet alleen vanwege noodzakelijke spreiding van risico’s en allocatie van middelen, maar ook om gezamenlijke competenties te bundelen en om restcapaciteit te benutten. Wanneer een onderneming zelfstandig in staat is op een opdracht in te schrijven, ligt combinatievorming in de praktijk niet in de rede, omdat ondernemingen er over het algemeen liever geen andere onderneming (concurrent) bij willen halen als ze de opdracht zelf kunnen doen. Bovendien geldt dat slechts onder bepaalde omstandigheden samengewerkt mag worden.9 Dit vastgesteld hebbende, is er vervolgens geen enkele reden een dergelijke combinatie bij toetsing aan de eisen op een andere wijze te behandelen dan een zelfstandig inschrijver. Het stellen van verhoogde eisen aan combinaties kan dan ook snel als disproportioneel worden aangemerkt. Op gron
Voorschrift 3.5 H. [2/24] elen dan een zelfstandig inschrijver. Het stellen van verhoogde eisen aan combinaties kan dan ook snel als disproportioneel worden aangemerkt. Op grond van artikel 2.52,vierde lid, van de wet is het niet toegestaan al in de aanbestedingsfase een rechtsvormvereiste te stellen. Dit zou overigens ook al uit oogpunt van administratieve lasten onwenselijk zijn. Dat verplicht ondernemingen namelijk om al met elkaar uitonderhandeld te zijn voordat ze überhaupt weten of ze de opdracht krijgen. Artikel 2.52 ... 4. Een aanbestedende dienst verlangt voor het indienen van een inschrijving of een verzoek tot deelneming van een samenwerkingsverband van ondernemers niet dat het samenwerkingsverband van ondernemers een bepaalde rechtsvorm heeft. 5. Een aanbestedende dienst kan bepalen op welke wijze een samenwerkingsverband aan de eisen van economische en financiële draagkracht en technische bekwaamheid en beroepsbekwaamheid, bedoeld in artikel 2.90, tweede lid, onderdelen a en b, dient te voldoen, mits deze eisen op objectieve gronden berusten en proportioneel zijn. 6. Een aanbestedende dienst kan aan een samenwerkingsverband andere eisen dan aan individuele deelnemers stellen
Voorschrift 3.5 H. [3/24] nden berusten en proportioneel zijn. 6. Een aanbestedende dienst kan aan een samenwerkingsverband andere eisen dan aan individuele deelnemers stellen wat betreft de uitvoering van een overheidsopdracht, mits deze eisen op objectieve gronden berusten en proportioneel zijn. ... 9 Beleidsregels combinatieovereenkomsten 2013, Staatsblad 2013, 9223. 52 | Gids Proportionaliteit | 1 januari 2022 3.5.5 Gunningscriteria Artikel 1.10 (1.13 en 1.16 bevatten overeenkomstige bepalingen voor nationale aanbestedingen en meervoudig onderhands) 1. Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf stelt bij de voorbereiding van en het tot stand brengen van een overheidsopdracht, een speciale-sectoropdracht of een concessieopdracht of het uitschrijven van een prijsvraag uitsluitend eisen, voorwaarden en criteria aan de inschrijvers en de inschrijvingen die in een redelijke verhouding staan tot het voorwerp van de opdracht. 2. Bij de toepassing van het eerste lid slaat de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf, voor zover van toepassing, in ieder geval acht op: … f. de gunningscriteria; ... Artikel 2.113 De aanbestedende dienst toetst de inschrijvingen aan de door h
Voorschrift 3.5 H. [4/24] ver van toepassing, in ieder geval acht op: … f. de gunningscriteria; ... Artikel 2.113 De aanbestedende dienst toetst de inschrijvingen aan de door hem in de aanbestedingsstukken gestelde normen, functionele eisen en eisen aan de prestatie. Artikel 2.113a 1. Gunningscriteria waarborgen de mogelijkheid van daadwerkelijke mededinging en gaan vergezeld van specificaties aan de hand waarvan de door de inschrijvers verstrekte informatie daadwerkelijk kan worden getoetst om te beoordelen hoe goed de inschrijvingen aan de gunningscriteria voldoen. 2. Een aanbestedende dienst controleert in geval van twijfel effectief de juistheid van de door de inschrijvers verstrekte informatie en bewijsmiddelen. Artikel 2.114 1. De aanbestedende dienst gunt een overheidsopdracht op grond van de naar het oordeel van de aanbestedende dienst economisch meest voordelige inschrijving. 2. De economisch meest voordelige inschrijving wordt door de aanbestedende dienst vastgesteld op basis van de: a. beste prijs-kwaliteitverhouding, b. laagste kosten berekend op basis van kosteneffectiviteit, zoals de levenscycluskosten, bedoeld in artikel 2.115a, of c. laagste prijs. 3. Bij de toepassing va
Voorschrift 3.5 H. [5/24] kosten berekend op basis van kosteneffectiviteit, zoals de levenscycluskosten, bedoeld in artikel 2.115a, of c. laagste prijs. 3. Bij de toepassing van het eerste lid geschiedt de gunning op grond van onderdeel a van het tweede lid. 4. Een aanbestedende dienst kan, in afwijking van het derde lid, gunnen op grond van onderdeel b of onderdeel c van het tweede lid. In dat geval motiveert de aanbestedende dienst de toepassing van dat criterium in de aanbestedingsstukken. 5. Het vaststellen van de economisch meest voordelige inschrijving uitsluitend op basis van het gunningscriterium, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b of onderdeel c, is niet toegestaan ten aanzien van bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aan te wijzen categorieën aanbestedende diensten en soorten opdrachten. 6. De voordracht voor een krachtens het vijfde lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd. Gids Proportionaliteit | 1 januari 2022 | 53 Artikel 2.115 1. De aanbestedende dienst die de economisch meest voordelige inschrijving vaststelt op basis van de beste prijs kwal
Voorschrift 3.5 H. [6/24] januari 2022 | 53 Artikel 2.115 1. De aanbestedende dienst die de economisch meest voordelige inschrijving vaststelt op basis van de beste prijs kwaliteitverhouding, maakt in de aankondiging van de overheidsopdracht bekend welke nadere criteria hij stelt met het oog op de toepassing van dit criterium. 2. De in het eerste lid bedoelde nadere criteria houden verband met het voorwerp van de overheids opdracht en kunnen onder meer betreffen: a. kwaliteit, waaronder technische verdienste; b. esthetische en functionele kenmerken; c. toegankelijkheid; d. geschiktheid van het ontwerp voor alle gebruikers; e. sociale, milieu- en innovatieve kenmerken; f. de handel en de voorwaarden waaronder deze plaatsvindt; g. de organisatie, de kwalificatie en de ervaring van het personeel voor de uitvoering van de opdracht, wanneer de kwaliteit van dat personeel een aanzienlijke invloed kan hebben op het niveau van de uitvoering van de opdracht; h. klantenservice en technische bijstand; i. leveringsvoorwaarden, zoals leveringsdatum, leveringswijze, leveringsperiode of termijn voor voltooiing. 3. Nadere criteria als bedoeld in het eerste lid houden verband met het voorwerp van de o
Voorschrift 3.5 H. [7/24] leveringswijze, leveringsperiode of termijn voor voltooiing. 3. Nadere criteria als bedoeld in het eerste lid houden verband met het voorwerp van de overheidsopdracht wanneer zij betrekking hebben op de in het kader van die overheidsopdracht te verrichten werken, leveringen of diensten, in alle opzichten en in elk stadium van hun levenscyclus, met inbegrip van factoren die te maken hebben met: a. het specifieke productieproces, het aanbieden of de verhandeling van deze werken, leveringen of diensten, of b. een specifiek proces voor een andere fase van hun levenscyclus, zelfs wanneer deze factoren geen deel uitmaken van hun materiële basis. 4. De aanbestedende dienst specificeert in de aanbestedingsstukken het relatieve gewicht van elk van de door hem gekozen nadere criteria voor de bepaling van de economisch meest voordelige inschrijving op basis van de beste prijs-kwaliteitverhouding. Dit gewicht kan worden uitgedrukt door middel van een marge met een passend verschil tussen minimum en maximum. 5. Indien om objectieve redenen geen weging mogelijk is, vermeldt de aanbestedende dienst in de aanbestedingsstukken de nadere criteria in afnemende volgorde van belan
Voorschrift 3.5 H. [8/24] ctieve redenen geen weging mogelijk is, vermeldt de aanbestedende dienst in de aanbestedingsstukken de nadere criteria in afnemende volgorde van belang. De wetgeving laat de keuze tussen de gunningscriteria laagste prijs (LP), laagste kosten op basis van kosteneffectiviteit (Laagste KBK) en beste prijs-kwaliteitverhouding (Beste PKV), maar neemt bij de keuze Beste PKV als uitgangspunt. Teneinde de innovatie vanuit de markt te kunnen benutten, is het ook wénselijk op basis van Beste PKV te gunnen (Beste PKV tenzij). Het criterium Beste PKV biedt de mogelijkheid om onderscheidende (kwalitatieve) aanbiedingen vanuit de markt te verkrijgen. Bij toepassing van het gunningscriterium Beste PKV moet in de aankondiging of de aanbestedingsstukken het relatieve gewicht van de gekozen nadere (sub-)criteria worden bepaald. Dit gewicht kan worden uitgedrukt door middel van een marge met een passend verschil tussen minimum en maximum. Is een weging om aantoonbare redenen niet te geven, dan zullen de criteria in afnemende volgorde van belang moeten worden gezet. De te stellen criteria moeten objectief en eenduidig zijn. Gunningscriteria zien op de opdracht. Afstemming op de opdr
Voorschrift 3.5 H. [9/24] van belang moeten worden gezet. De te stellen criteria moeten objectief en eenduidig zijn. Gunningscriteria zien op de opdracht. Afstemming op de opdracht is dan ook logisch. Zo dient bijvoorbeeld objectief en tegen voorafgaande heldere criteria de gewenste mate van uitwerking van een plan van aanpak te worden gevraagd. Hierbij dient de inspanning die dit vraagt van elke inschrijver in acht te worden genomen; bij extreme eisen in het kader van een inschrijving kan een inschrijfvergoeding beschikbaar worden gesteld. 54 | Gids Proportionaliteit | 1 januari 2022 Om te voorkomen dat bij toepassing van het criterium Beste PKV impliciet toch de prijs alleen bepalend is, dienen onder meer de volgende voorzorgen in acht genomen te worden: • Het aantal punten dat aan de kwalitatieve criteria wordt toegekend ten opzichte van het aantal punten dat aan het criterium prijs wordt toegekend, dient voldoende hoog te zijn om het verschil te kunnen maken. • Hanteer voor alle beoordelingscriteria een deugdelijke en transparante schaalverdeling en voorkom ongelijke grootheden, zoals het gelijktijdig gebruik van een schaal van 0 tot 10 voor waardering van het ene criterium en waarder
Voorschrift 3.5 H. [10/24] verdeling en voorkom ongelijke grootheden, zoals het gelijktijdig gebruik van een schaal van 0 tot 10 voor waardering van het ene criterium en waardering met goed/slecht voor het andere criterium. • De kwalitatieve criteria moeten een bepalende rol spelen. Als te verwachten is dat iedere inschrijver (nagenoeg) even hoog gaat scoren op dit criterium, is de prijs uiteindelijk toch doorslaggevend. Criteria die min of meer vanzelfsprekend zijn en waar alle inschrijvers nagenoeg gelijk zullen scoren, kunnen dan ook beter in eisen dan in schaalbare wensen worden vertaald zodat alleen wensen met een onderscheidend vermogen (en geen eisen) worden gewogen in de beoordeling. • In de beoordelingsschaal dient voldoende differentiatie te bestaan. Daarnaast moet de volledige breedte van de beoordelingsschaal bij de beoordeling worden gebruikt. Als bij de beoordeling van kwalitatieve criteria de scores namelijk alleen maar tussen 5 en 7 liggen (op een schaal van 10), is de prijs uiteindelijk toch doorslaggevend. • Het verdient aanbeveling de te hanteren beoordelingsschaal vooraf te testen, bijvoorbeeld door middel van een proefberekening. Bij het gunningscriterium Laagste KBK w
Voorschrift 3.5 H. [11/24] beveling de te hanteren beoordelingsschaal vooraf te testen, bijvoorbeeld door middel van een proefberekening. Bij het gunningscriterium Laagste KBK worden naast de aanschafprijs ook andere kostencriteria meegewogen. Een voorbeeld hiervan is het meewegen van kosten verbonden aan de gehele levenscyclus van een product, onderhoudskosten, weghaalkosten aan het einde van de levensduur etcetera, oftewel total cost of ownership. Als er echt geen voldoende onderscheidende criteria zijn, waarop inschrijvers toegevoegde waarde kunnen leveren, dan is het verstandiger om expliciet te kiezen voor LP of Laagste KBK, dan om hier impliciet / pro forma voor te kiezen. Wanneer de aanbestedende dienst in afwijking van de hoofdregel wil gunnen op basis van LP of Laagste KBK, dan dient hij dit voldoende gemotiveerd in de aanbestedingsstukken aan te geven. Met het begrip Economisch Meest Voordelige Inschrijving worden de drie criteria (LP, Laagste KBK en Beste PKV) samen aangeduid met één overkoepelende term; om misverstanden te voorkomen (dit begrip had vroeger de betekenis Beste PKV) is het verstandig om het begrip Economisch Meest Voordelige Inschrijving in aanbestedingen niet mee
Voorschrift 3.5 H. [12/24] en (dit begrip had vroeger de betekenis Beste PKV) is het verstandig om het begrip Economisch Meest Voordelige Inschrijving in aanbestedingen niet meer te gebruiken. 3.5.6 Duurzaamheid/sociale voorwaarden Het gaat bij duurzaamheidscriteria waaronder sociale voorwaarden om een complexe materie die nog aan de nodige discussie onderhevig is. Deze Gids leent zich niet voor uitputtende behandeling van dit onderwerp. Hier wordt dan ook slechts beoogd enkele zaken aan te stippen, die in het kader van een aanbestedingsprocedure uit een oogpunt van proportionaliteit nadere aandacht behoeven. Duurzaamheidscriteria kunnen voorkomen in de vorm van (technische en functionele) specificaties, geschiktheidseisen, selectiecriteria, gunningscriteria of contractvoorwaarden. Voor de behandeling van dit onderwerp zijn de betreffende paragrafen dan ook van belang. In willekeurige volgorde wordt gewezen op het volgende: • Bij het stellen van duurzaamheidscriteria is het proportioneel de omvang van de opdracht mee te laten wegen bij de keuze om eisen op dit terrein te stellen. Dit betekent niet dat voor kleine opdrachten geen duurzaamheidscriteria gesteld mogen worden. • De criteria met
Voorschrift 3.5 H. [13/24] ze om eisen op dit terrein te stellen. Dit betekent niet dat voor kleine opdrachten geen duurzaamheidscriteria gesteld mogen worden. • De criteria met betrekking tot duurzaamheid waaronder sociale voorwaarden dienen enerzijds in redelijke verhouding te staan tot de aard en omvang van de opdracht, maar dienen anderzijds te worden afgestemd op hetgeen de relevante markt kan bieden. Indien uit marktGids Proportionaliteit | 1 januari 2022 | 55 onderzoek blijkt dat een brede range van bedrijven voldoet aan bepaalde criteria, dan kunnen deze generiek toegepast als eis opgenomen worden. Gaat het om vernieuwingen op de markt waar slechts een beperkt aantal ondernemingen aan kan voldoen, dan kunnen ze beter als een van de subcriteria binnen het gunningscriterium Beste PKV opgenomen worden. Opnemen van technische specificaties en eisen waaraan slechts een zeer beperkt deel van de markt voldoet en daardoor daadwerkelijke mededinging niet langer gewaarborgd is, is niet alleen disproportioneel, maar ook onverstandig. • Als uitgangspunt geldt dat de duurzaamheidscriteria in het kader van de beoordeling op Beste PKV reële waardering krijgt en objectief meetbaar is. • Proportion
Voorschrift 3.5 H. [14/24] ngspunt geldt dat de duurzaamheidscriteria in het kader van de beoordeling op Beste PKV reële waardering krijgt en objectief meetbaar is. • Proportionaliteit van duurzaamheidscriteria wordt bevorderd, wanneer aanbestedende diensten met (potentiële) inschrijvers te allen tijde het gesprek aangaan over de ideeën en mogelijkheden die er ten aanzien van duurzaamheid bestaan. Enige vorm van marktconsultatie als bedoeld in § 2.5 en in artikel 2.25 van de wet zou daartoe een middel kunnen zijn. • Bij de definitieve keuze voor het stellen van duurzaamheidscriteria is het navolgende van belang. 1. Eenduidigheid: Bij de keuze dient in eerste instantie aangesloten te worden bij algemeen geldende criteria toegesneden op de relevante branches (opgesteld door PIANOo).10 2. Formulering van eigen afwijkende criteria kan in geval van functioneel specificeren en/of een aanbesteding op basis van Beste PKV een optie zijn, mits via een marktverkenning is getoetst dat voldoende marktpartijen hieraan kunnen voldoen. 3. Over het algemeen is het sowieso verstandig om op dit gebied niet te veel met geschiktheidseisen te werken; wil je als organisatie een stimulans geven aan duurzaamhei
Voorschrift 3.5 H. [15/24] n is het sowieso verstandig om op dit gebied niet te veel met geschiktheidseisen te werken; wil je als organisatie een stimulans geven aan duurzaamheid en verder gaan dan de criteria van PIANOo, verdient het sterke aanbeveling dat in de vorm van gunningscriteria te doen: dit bevordert de verdere ontwikkeling van duurzaamheid, zonder a priori bedrijven uit te sluiten die hier (nog) niet aan voldoen. • Reële overgangstermijn: Indien eisen op het gebied van duurzaamheid Een gemeente gaat een school bouwen, en worden gesteld, wordt opgemerkt dat vraagt bij de aanbesteding naar ervaring de markt dan ook wel de gelegenheid met bodemwarmte. Hiervoor dient een moet krijgen, de bedrijfsvoering op referentie overlegd te worden, waaruit eenmaal binnen de organisatie van duidelijk blijkt dat deze techniek in de prakde aanbestedende dienst vastgestelde tijk is gebracht, ongeacht voor welk soort eisen af te stemmen; voortdurend gebouw dat dit was (een gemeentehuis, een wijzigen van voorwaarden wordt in dat brandweerkazerne of een kantoorgebouw). kader evenmin passend geacht. Door te vragen naar algemene ervaring en • Bij het vragen naar referenties met niet naar ervaring in ex
Voorschrift 3.5 H. [16/24] kantoorgebouw). kader evenmin passend geacht. Door te vragen naar algemene ervaring en • Bij het vragen naar referenties met niet naar ervaring in exact vergelijkbare betrekking tot duurzaamheid geldt omstandigheden is deze eis proportioneel. hetzelfde als voor referenties in het algemeen. Uit de referenties dient duidelijk te blijken, dat de inschrijver beschikt over de competenties om de gevraagde duurzaamheid in de praktijk te brengen, het is niet nodig te vragen naar een identiek vergelijkbaar project; duurzaamheid hangt immers nauw samen met innovatie en het kunnen aanbieden van varianten. De doelen die worden gesteld moeten wel afgeleid zijn van de nationale duurzaamheidsthema’s. Als laatste dient bewijslast op het punt van duurzaamheid in de laatste fase plaats te vinden, net als bij andere geschiktheidseisen en gunningscriteria. • Het opnemen in aanbestedingsstukken van een verplichting voor de opdrachtnemer tot het laten rapporteren over duurzaamheidsaspecten dient plaats te vinden conform het advies van de Raad voor de Jaarverslaggeving11. Rapportage anderszins wordt daarmee dus disproportioneel geacht. 10 De criteriadocumenten van PIANOo ondergaan met
Voorschrift 3.5 H. [17/24] e Raad voor de Jaarverslaggeving11. Rapportage anderszins wordt daarmee dus disproportioneel geacht. 10 De criteriadocumenten van PIANOo ondergaan met zekere regelmaat een actualiseringsslag. 11https://www.duurzaam-ondernemen.nl/docs/rj.pdf 56 | Gids Proportionaliteit | 1 januari 2022 • Bij sociale voorwaarden voor duurzaam inkopen gaat het om de sociale situatie in de (internationale) productieketen. Hierbij valt te denken aan naleving van universele rechten van de mens waaronder vakbondsvrijheid, verbod op kinderarbeid, gedwongen arbeid en discriminatie. Het gaat hier slechts om een redelijke inspanningsverplichting, afhankelijk van een redelijke inschatting van de risico’s. • Verwijzing naar bepaalde keurmerken mag. Hieraan is wel een aantal voorwaarden verbonden: – alle keurmerkeisen moeten verband houden met het voorwerp van de opdracht; – ze moeten gebaseerd zijn op objectief controleerbare en niet-discriminerende criteria; – tot stand gekomen zijn door middel van een open en transparante procedure; – waarbij de ondernemer die het keurmerk aanvraagt geen beslissende invloed kan uitoefenen op de inhoud van het keurmerk. Een gemeente wil voor het gemeenteh
Voorschrift 3.5 H. [18/24] de ondernemer die het keurmerk aanvraagt geen beslissende invloed kan uitoefenen op de inhoud van het keurmerk. Een gemeente wil voor het gemeentehuis een natuurstenen bestrating gerealiseerd zien en schrijft daarvoor een aanbesteding uit. De hiervoor te leveren materialen zijn kostbaar en maken een groot gedeelte van de aanneemsom uit, terwijl de aanleg zelf specifieke deskundigheid vereist. De gemeente heeft daarbij de volgende eis gesteld: Op deze aanbesteding is van toepassing de door de gemeente vastgestelde regeling tot inzet van werklozen (de zogenaamde 5%-regeling). De aannemer aan wie het werk zal worden opgedragen, is op basis daarvan verplicht minimaal 5% van de aanneemsom te verlonen door middel van inzet van werklozen. Door het verhoudingsgewijs geringe deel aan loonsom binnen deze aanneemsom en de specialistische activiteit, is deze social returnbepaling disproportioneel. Duurzaam inkopen binnen Multi Functionale Accomodatie Binnen het inkoopproject van een Multi Functionele Accommodatie (MFA) is de markt uitgedaagd om binnen hun aanbieding een goede afweging tussen duurzaamheid en kosten te maken. Door functioneel aan te besteden geef je als op
Voorschrift 3.5 H. [19/24] e markt uitgedaagd om binnen hun aanbieding een goede afweging tussen duurzaamheid en kosten te maken. Door functioneel aan te besteden geef je als opdrachtgever aan welke doelen (prestatie-eisen) je wilt bereiken in plaats van te omschrijven hoe deze prestatie-eisen bereikt moeten worden (voorbeeld energieneutraal in plaats van specifieke energie-eisen). Binnen deze aanbesteding is er een systematiek gehanteerd waarbij er een ambitieuze maar realistische ondergrens (minimumeis) op het gebied van duurzaamheid is gesteld die herkenbaar is voor de marktontwikkelingen, en daarnaast duurzamere oplossingen werden gewaardeerd met een hogere score. Het prijsaanbod is aangeboden op basis van gebruikerskosten voor 15 jaar (TCO gedurende 15 jaar), dus niet alleen de aanschafprijs, maar de levensduur is in ogenschouw genomen, omdat daar ook vaak de meeste winst ligt qua duurzaamheid. De inschrijvers hebben middels de GPR-gebouw systematiek (www.gprgebouw.nl/website/gebouw.aspx) op een objectieve en eenduidige wijze hun duurzame oplossingen kunnen aanbieden. De ondergrens was bepaald op een gemiddelde GPR-score van 8 (PIANOo hanteert minimaal 7). Een hogere score leverde een
Voorschrift 3.5 H. [20/24] e oplossingen kunnen aanbieden. De ondergrens was bepaald op een gemiddelde GPR-score van 8 (PIANOo hanteert minimaal 7). Een hogere score leverde een extra waardering op die voor 15% heeft meegewogen in de totaal beoordeling. Alle inschrijvers hebben deze kans ter hand genomen en een hogere GPR-score aangeboden dan minimaal was vereist. Een functionele aanpak stimuleert dus innovatie en concurrentie en haalt het beste uit de markt. 3 Van de 5 inschrijvers hebben zelfs de maximale waardering ontvangen, waaronder de partij die de opdracht uiteindelijk gegund heeft gekregen. De MFA zal worden gerealiseerd met een GPR-score van 8,7 wat onder andere zal leiden tot een lagere milieubelasting en lagere kosten gedurende de gehele levensduur. Door middel van de gehanteerde systematiek hebben de inschrijvers de vrijheid gekregen om duurzame oplossingen te implementeren met de beste prijs-kwaliteitverhouding (Beste PKV). Gids Proportionaliteit | 1 januari 2022 | 57 3.5.7 Samenhang met andere wetgeving In zijn algemeenheid is het goed om te beseffen dat er wet-en regelgeving is die effect kan hebben op een aanbesteding of op een inschrijver. Zo hebben beursgenoteerde bedri
Voorschrift 3.5 H. [21/24] het goed om te beseffen dat er wet-en regelgeving is die effect kan hebben op een aanbesteding of op een inschrijver. Zo hebben beursgenoteerde bedrijven nu eenmaal te maken met beursregels. Deze zeggen bijvoorbeeld iets over het wel of niet mogen verstrekken van bepaalde informatie. De eis bijvoorbeeld dat een inschrijver direct bij de aan bestedende dienst moet melden wanneer hij een schade meldt onder zijn verzekering, is strijdig met deze beursregels. Deze stellen namelijk dat als het gaat om koersgevoelige informatie (en schadeclaims kunnen zo opgevat worden), dat iedereen hier tegelijkertijd kennis van moet kunnen nemen. Andere regels waar bedrijven nog wel eens tegen aan lopen als het gaat om (on)mogelijkheid om in te schrijven op een aanbesteding zijn de boekhoudregels. Zo hebben veel bedrijven te maken met Europese of Amerikaanse boekhoudregels (ook wel bekend als IFRS of US GAAP). Deze regels stellen onder meer, dat een bedrijf geen omzet mag boeken als er een mogelijkheid bestaat dat ze een deel of het geheel terug moeten betalen aan de klant (in dit geval: de aanbestedende dienst). Bepalingen waarin staat dat er eventueel later alsnog kortingen verl
Voorschrift 3.5 H. [22/24] geheel terug moeten betalen aan de klant (in dit geval: de aanbestedende dienst). Bepalingen waarin staat dat er eventueel later alsnog kortingen verleend moeten worden (zoals de meestbegunstigingsclausule in sommige contracten) hebben dan ook meer effect dan veel aanbestedende diensten beseffen. Zo ook langdurige (onderhouds)garanties met daaraan gekoppeld de mogelijkheid voor een aanbestedende dienst om het contract als nog te ontbinden (zonder dat een bedrijf daar invloed op heeft) na X jaar. Voor wat contractvoorwaarden in z’n algemeenheid betreft, wordt verwezen naar §3.9. Uiteraard kunnen er redenen zijn voor aanbestedende diensten om toch deze eisen te stellen. In dat geval zal de aanbestedende dienst een gemotiveerde afweging moeten maken tussen deze reden(en) en de mogelijkheid dat hij bedrijven uitsluit van inschrijven op de betreffende aanbesteding. 3.6 Hanteren termijnen De wet kent meerdere bepalingen waarin termijnen worden aangehaald. Deze bepalingen worden hieronder kort benoemd. Artikel 1.10 1. Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf stelt bij de voorbereiding van en het tot stand brengen van een overheidsopdracht een speciale-sect
Voorschrift 3.5 H. [23/24] aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf stelt bij de voorbereiding van en het tot stand brengen van een overheidsopdracht een speciale-sectoropdracht of een concessieopdracht of het uitschrijven van een prijsvraag uitsluitend eisen, voorwaarden en criteria aan de inschrijvers en de inschrijvingen die in een redelijke verhouding staan tot het voorwerp van de opdracht. 2. Bij de toepassing van het eerste lid slaat de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf, voor zover van toepassing, in ieder geval acht op: ... e. de te stellen termijnen; ... Termijnen worden vervolgens genoemd in: Artikel 2.54 1. Een aanbestedende dienst verstrekt nadere inlichtingen over de aanbestedingsstukken uiterlijk tien dagen voor de uiterste datum voor het indienen van de inschrijvingen, mits het verzoek om inlichtingen tijdig voor de uiterste datum voor het indienen van de inschrijvingen is gedaan. 2. In afwijking van het eerste lid bedraagt de in dat lid bedoelde termijn in geval van toepassing van de openbare procedure, niet-openbare procedure of mededingingsprocedure met onderhandeling, waarbij toepassing wordt gegeven aan artikel 2.74, vier dagen. 58 | Gids Propo
Voorschrift 3.5 H. [24/24] e, niet-openbare procedure of mededingingsprocedure met onderhandeling, waarbij toepassing wordt gegeven aan artikel 2.74, vier dagen. 58 | Gids Proportionaliteit | 1 januari 2022
Aanbestedingsreglement Werken 2016 (ARW 2016) — ARW 2016 art. 2.6.1
ARW 2016 art. 2.6.1. Openbare procedure. De aanbesteder gunt een opdracht op grond van de naar het oordeel van de aanbesteder economisch meest voordelige inschrijving. De aanbesteder vermeldt in de aankondiging dat hij de economisch meest voordelige inschrijving vaststelt op basis van de: a. beste prijs-kwaliteitverhouding, b. laagste kosten berekend op basis van kosteneffectiviteit, zoals de levenscycluskosten, of c. laagste prijs. De aanbesteder kan bij de beste prijs-kwaliteitverhouding de kosten berekend op basis van kosteneffectiviteit, zoals de levenscycluskosten, betrekken.
Dit antwoord is automatisch door AI gegenereerd op basis van fragmenten uit de Steinlog-index. Het is algemene informatie en geen juridisch advies; het kan onvolledig, onjuist of verouderd zijn en er kunnen geen rechten aan worden ontleend. Controleer altijd de officiële bron en raadpleeg voor een definitief oordeel over uw specifieke situatie een advocaat of aanbestedingsjurist.